Krantenberichtjes uit Muntendam
30 december 1837
Winschoten, den 21 december. Men meldt uit Muntendam, dat aldaar een verschrikkelijk ongeluk heeft plaats gehad. De schaarslijper Hindrik Jochems is zijne woning in brand geraakt zijnde, door de vlammen omgekomen. Men zegt, dat de man, beschonken te huis gekomen zijnde, zijne vrouw en kinderen buiten de deur heeft gezet, en toen met eene brandende tabakspijp te bed is gegaan. Indien dit waar is, ligt ook hierin de oorzaak van het ongeluk; maar welk een verschrikkelijk gevolg dan ook van de dronkenschap!
19 september 1842
De woning van J.H. Prins, scheepsjager te Muntendam, is ten gevolge van ontstanen brand, in den nacht van den 7. op den 8. dezer eene prooi der vlammen geworden. Het gebouw was van geringe beteekenis, doch de bewoners zijn door dit ongeluk van huisvesting ontbloot.
8 april 1845
In den morgen van dinsdag den 1 dezer had er bij Muntendam (Groningen) een ongeval plaats, hoogstwaarschijnlijk door onvoorzigtigheid veroorzaakt, dat treurige gevolgen heeft gehad. De zoogenoemde Engelmans-klapburg was een eind wegs opgetrokken, om eenige praauwen en de trekschuit door te laten. Eenige menschen, die, naar het schijnt, niet konden wachten, tot dat de klap weder nedergelaten was, drongen ongeduldig tegen dezelve op, zoodat de mannen, die haar opgetrokken hadden, haar niet meer konden houden en haar dus loslieten. Door den geweldigen slag, waarmede de klap naar beneden kwam, sprong zij weder een eind op, hierdoor raakten de kettingen uit de haken van de wip, en de zware einden van deze, door de klap niet meer tegengehouden, zonken met eene geweldige vaart naar beneden. De zich op de brug bevindende personen konden niet schielijk genoeg vlugten. Naar men zegt, werden er wel 20 menschen door het zware hout meer of min gewond. Mogt toch bij zulke zaken meerdere voorzigtigheid in acht genomen worden!
6 januari 1857
De onlangs bij de regtbank te Winschoten veroordeeld Jan Vos (bijgenaamd Standeveld) van Muntendam, is aldaar, terwijl hij aan den concierge onder het hof van justitie in bewaring was gegeven, om des anderen morgens verder te worden getransporteerd, des Zondags te vijf uur in den avond ontsnapt. Het is nog niet mogen gelukken hem weder in handen te krijgen. Er is eene premie van f 25 uitgeloofd aan dengene die hem weder aan de justitie overlevert.
26 januari 1858
In den nacht van Maandag op Dinsdag jl. had te Duurkenakker, gemeente Muntendam, een stoute diefstal plaats: vijf a zes boosdoeners zijn aldaar in de boerbehuizing van R. Kotter ingebroken, door doorgraving onder de groote schuurdeur, zij begaven zich vervolgens naar de keuken, ontvreemdden uit het kabinet f 270 aan kontanten, obligaten ter waarde van f 16.000, benevens drie gouden oorijzers; de vrouw, die in de keuken sliep, hoorde gedruisch, maakte alarm waardoor de dieven met hunnen buit de vlugt namen; de politie werd er dadelijk van verwittigd, en was onmiddelijk werkzaam, doch alle pogingen, om de daders te ontdekken, bleven tot dusverre vruchteloos.
11 september 1859
Naar men verneemt, circuleert thans in de gemeente Muntendam een adres aan de Hooge Regering, om den tegenwoordigen burgemeester, den heer M. Nauta, als burgemeester te ontslaan. Het is de oppositie, die daar te werk is, om dien zoo ijverigen ambtenaar te verwijderen, die zoo veel gedaan heeft om Muntendam uit het slijk op te heffen, waarin het sedert jaren verzonken was en het met opoffering, wel is waar van eenige aanzienlijke sommen, tot eene bloeijende kolonie heeft herschapen; doch het zijn juist die sommen, die eenige boeren tot haat jegens hem hebben aangezet, zoodat zij hem thans van zijn zoo welbekleeden post willen doen afzetten. Wij hopen dat de Hooge Regering er anders over zal denken.
22 mei 1860
Voor eenige dagen geleden is eene vrouw tusschen Muntendam en Zuidbroek, bezig zijnde heide te plukken, onder haren arbeid bevallen; met het kind in haar voorschoot en de geplukte heide op den rug, is zij huiswaarts gekeerd.
30 oktober 1860
Woensdag vond te Meeden een treurig geval plaats. De heer G.H., was bezig met het inhalen van turf, met twee wagens aaneengebonden. Toen men des avonds terugkeerde, hadden drie kinderen waarvan twee van den koopman Levie te Muntendam, zich op den disselboom van den achtersten wagen geplaatst, ten einde aldus een eindwegs te kunnen mede rijden. Een hunner, een meisje van 12 jaar, had echter het het ongeluk er af te vallen, waarbij het rad van den wagen haar over het hoofd ging. Aan de dadelijk ingeroepene geneeskundige hulp mogt het niet gelukken het kind weder in 't leven terug te roepen.
16 augustus 1867
Men meldt uit Groningen
Maandagmorgen is gevankelijk naar Winschoten getransporteerd de beruchte Jan Seip, van Muntendam, eerst sedert eenigen tijd uit de gevangenis ontslagen. In den voorgaanden nacht moet hij op eene vreeselijke wijze te Muntendam huis gehouden hebben. Hij sprong naakt door de glazen van de woning zijner bijzit, om, zoo als hij gezegd had, haar te vermoorden. Toen hij haar niet vond, bragt hij J. Klaassens, fabrieksarbeider, en diens vrouw, die met haar onder hetzelfde dak woonden, verschillende wonden toe, even als aan den veldwachter Roukes. Wij verheugen ons dat de misdadiger zoo spoedig gevat is en nu zeker voor langen tijd weder onschadelijk zal gemaakt worden.
6 oktober 1873

De jl. Donderdag uit het huis van arrest en bewaring te Winschoten ontvluchte Lubbert de Vries is daar een week later weder binnengebracht. Hij is door den te Muntendam gestationeerden Rijksveldwachter Schutt en den gemeente-veldwachter Roukes in dat dorp, ten huize van zijn wettige vrouw, in hechtenis genomen en naar Winschoten overgebracht. Hij verklaart zich daar ter plaatse al sedert Zaterdag-avond te hebben opgehouden, wat nochtans sterk wordt betwijfeld.
21 februari 1876
Uit Muntendam meldt men van 16 dezer, dat zich een knaap van dertienjarigen ouderdom door ophanging van het leven heeft beroofd. Hij had een theekopje of zoo iets gebroken en daarover eene lichte berisping van zijne moeder ontvangen. Kort daarna had hij in de schuur zijn opzet volvoerd. (Mattheus Wolthuis, geb. 28-11-1862 te Muntendam ovl. aldaar 16-2-1876 zv. Derk Wolthuis en Martje Veentjer).
Een soortgelijk geval moet zich te De Wilp, gemeente Marum, hebben voorgedaan, waar een vader met zijn zoon zulk een hevigen twist kreeg, dat de zoon in een vlaag van woede een scheermes nam en zich daarmede zoodanig aan den hals verwondde, dat hij aan de gevolgen is overleden.
16 mei 1876
Te Muntendam is een nieuwe kerkelijke gezindte opgerigt, die den doop even als de Mormonen, bij in- en onderdompelingen toedient. Voorloopig zal aan 't huiselijk bezoek de eerste zorg worden gewijd.
8 april 1879
Zekere Kip, wel tweebenig maar in geen veeren pak gestoken, te Muntendam te huis behoorende, doch sedert eenige weken in 't huis van arrest Winschoten gedetineerd, stond teregt wegens het beleedigen van een beambte in functie, ter zake waarvan het openbaar ministerie eene gevangenisstraf van 3 maanden requireerde. De heer officier van justitie verklaarde, dat de beklaagde zich thans voor de 14de maal op de bank der beschuldigen bevond, hetgeen de delinquent volkomen beaamde, bij voorbaat de verzekering gevende dat hij deze 3 maanden niet aannam! Toch zijn ze hem gegeven en werd aan zijne verklaring van non-acceptatie geen waarde gehecht.
3 januari 1880
Een vierjarig knaapje te Muntendam is, terwijl het zich alleen buiten bevond, al spelende in een zich achter 't huis bevindenden zinkput geraakt en gestikt.
8 juni 1882
In den avond van 20 maart jl. was zekere K. in beschonken toestand aan boord bij den schipper H. te Muntendam, waar hij met meerdere personen eenige uren bleeft praten en drinken. De 16-jarige dochten van den schipper, Hendrikje, maakte van de gelegenheid gebruik om K. zijn goude horloge te ontnemen, en toen hij van boord zou gaan, gaf zij hem een duw, zoodat hij tusschen het schip en den wal in het water viel. Het geregtshof te Leeuwarden heeft haar daarvoor schuldig verklaard aan diefstal bij nacht op een bewoond vaartuig. Haren jeugdigden leeftijd en het niet veroorzaakt zijn van nadeel als verzachtende omstandigheid aannemende, heeft het hof haar veroordeeld tot 2 maanden eenzame opsluiting.
3 augustus 1885
Hekserij?
Te Muntendam (Gr.) heeft zich het volgende geval van hekserij, voor welker waarheid wordt ingestaan, voorgedaan. Een 10-jarig meisje van den timmerman N. sukkelt, en bij het onderzoeken der kussens vond men niet alleen kransen, maar complete vogels die over de tafel huppelden. Een buurman gaf den raad een en ander over het vuur te koken. De etenspot wordt met een kan melk en de veeren over het vuur gehangen, na goed in de randen met leem besmeerd te zijn, terwijl vooraf de schoorsteen, het gootgat, de deur en vooral ook het sleutelgat digt gemaakt waren, om de heks niet te laten ontsnappen. Nu ging men aan het stoken en daar de rook niet ontsnappen kon, was het spoedig niet meer mogelijk een menschelijk wezen in het kleine vertrek te onderscheiden. Alvorens de deur te openen, werd de pot van het vuur genomen en in een emmer met koud water gedompeld, waarin de heks verdronken is.
3 juli 1886
Te Muntendam is dezer dagen een circa tweejarig jongentje in een pot met kokende brij gevallen. Het kind is aan de gevolgen overleden.
(Arend Blijham is geboren op 10-10-1884 in Muntendam ('t Veen), zoon van Geert Blijham en Annechien Ploeger. Arend is overleden op 22-06-1886 in Muntendam)
11 september 1886
Zekere S. te Muntendam, een vroeger reeds uit den militairen dienst weggejaagd sujet, dat zich sedert meermalen heeft onderscheiden door woestheid en den aankleve van dien, zal eerlang weder met den rechter kennis maken wegen een door hem bedreven feit. Hij kreeg, zooals meer gebeurt, 's nachts twist met zijne vrouw, waarop deze het huis ontvluchtte en eene schuilplaats zocht bij hare zuster. De man vloog met eene schop achterna, verbrijzelde de deur van de woning zijner schoonzuster en viel op de beide vrouwen aan. Met de schop zwaaiende, sloeg hij zijne schoonzuster den neus bijna geheel af en bracht haar eene gapende wonde in den arm toe.
30 december 1886
Uit Veendam wordt gemeld - De praamschipper G. van Alteren, van Hoogezand, met eene lading wiergrond van Loppersum gekomen, stak het Schildmeer over en wilde het kanaal invaren, zoodat het grootzeil moest worden ingetrokken en neergehaald, waartoe hij de hulp van zijne vrouw inriep. Deze nam het oudste kind, dat in het achteronde luidkeels schreide, nog eerst op den arm en wilde toen het zeil redden. Onverwachts werd zij met den kleinen knaap van 2 jaar door de overslaande giek getroffen en in het meer geworpen. Ofschoon man haar dadelijk eenen schippershaak toewierp, schijnt de vrouw zich meer om haar kind te hebben bekommerd, want zij pakte den haak niet, en zoo kwamen moeder en kind beiden jammerlijk om het leven. De lijken zijn op dit oogenblik nog niet teruggevonden. De vrouw was geboren te Muntendam en heette Frouke Brink.
28 augustus 1887
Tot de ingezetenen van Muntendam behoort de familie Pluim: papa met drie zoons, twee dochters en twee schoonzoons. Het wreede noodlot heeft nu dat gezin geheel uit eengerukt; een lid der familie vertoeft in Hoorn, een te Groningen en de overige zes te Winschoten .... in de respectieve gevangenissen. Mooi pluimgedierte.
31 mei 1890
Te Muntendam is de bijna 90-jarige grijsaard H. de Vries Dinsdagmorgen, terwijl hij bij den vuurhaard zat te slapen, voorover in het vuur gevallen. Hij kreeg ernstige brandwonden, zoodat zijn leven in gevaar verkeert.
18 juli 1890
Wegens het epidemisch heerschen der typhus te Muntendam behoeven de milicien-verlofgangers uit die gemeente dit jaar niet onderde wapenen te komen.
1 januari 1891
In de provincie Groningen, vooral in het Oldambt, moet verschrikkelijke armoede heerschen. Men zegt o.a. dat in het dorp Muntendam de kinderen zulk een honger lijden, dat ze rauwe aardappelen met graagte eten.
15 augustus 1892
Te Muntendam (Groningen) wordt nu reeds 3 weken eene vrouw vermist. Zij is toen op reis gegaan naar Groningen (de stad), om door Sequah te worden behandeld, doch is niet terruggekeerd. Alle nasporingen zijn vergeefs.
31 december 1892
Een te Muntendam alleen in een kamertje wonende 86-jarige grijsaard, die eenig lijnwaad, hetwelk hij bij het vuur had te drogen gehangen en dat vuur vatte, wilde blusschen bekwam door zijne onbeholpenheid zulke ernstige brandwonden, dat zijn toestand bijna hopeloos is.
31 december 1892
Te Muntendam is de 86-jarige grijsaard F. Rohrbach, die ernstige brandwonden bekwam, door de goederen, die bij de kachtel hingen te drogen en vlam vatten, te blusschen tengevolge van de brandwonden overleden.
23 december 1893
Aan de kazerne der marechaussee te Muntendam vervoegde zich de scheepsjager S. om boete te betalen voor zijne echtgenoote. Deze wachtte met eene vriendin buiten en ...stal in dien tijd een kleedingstuk, aan de vrouw van den wachtmeester toebehoorde.
5 mei 1894
Te Muntendam kregen twee zoons van T. Loots, jongens van twaalf en veertien jaar, bij het avondeten ruzie over het gebruik van een vork. De oudste werd zoo woedend, dat hij den jongsten een steek in den buik toebracht, welke later ook bleek zeer gevaarlijk te zijn. Tegen den dader is proces verbaal opgemaakt.
14 juni 1894
Als de drank is in den man
Eppo Op den Dijk, van Muntendam, had 6 mei jl. een graantje gepikt, nog een en nog een en was zoo suizebollig, zoo roezemoezig geworden, dat hij, zooals hij later beweerde, te zeer boven zijn thee gekomen om nog te weten, wat hij in dien toestand bedreven had. Eenmaal den smaak van den "snaps" gekregen hebbende, had hij, zooals het meer gaat, nog meer dorst gekregen. Waggelend was hij, om dien dorst te lesschen, de herberg van Prins binnengekomen. Maar deze had hem gezegd, dat het nu al mooi genoeg geweest was en geweigerd de flesch voor hem te ontkurgen. En toen was Eppo eerst recht in "zijn gewone doen" gekomen. Hij had geraasd, getierd, gevloekt op alles en nog wat en moeder de vrouw, die hem aan een zacht lijntje mee had willen loodsen, voor de borst gestompt en tegen den buik geschopt. Niet beter was het met de twee marechaussees, die hem daarop in veiligheid hadden willen brengen, gegaan. Den een had hij onder meer in de hand gebeten en den ander een vuistslag toegediend. Deswege stond hij voor de rechtbank te Winschoten terecht, waar tegen den lawaaimaker, die reeds tallooze malen veroordeeld was, drie maanden gevangenisstraf geëischt werd.
28 oktober 1894
Wat zal de oude man geschrokken zijn!
Een gelukkige vader, gelukkig ondanks zijn grijze haren en den last der jaren - de man is zes-en-zeventig jaar oud- is ten raadhuize van den gemeente Muntendam de geboorte van een tweeling komen aangeven. Een aardige tijdspasseering voor den ouden man een gedurende de aanstaande winternachten aan het wiegetouw - in iedere hand één - te mogen trekken. (T(h)ies Prins is geboren op 19-04-1816 in Veendam, zoon van Klaas Hindriks Prins en Aafke Hindriks Kamphuis. T(h)ies is overleden op 05-03-1895 in Muntendam, 78 jaar oud, getrouwd (3e) Geesje Wever, tweeling: Thies en Aaffien, geboren op 18-10-1894 te Muntendam).
5 januari 1895
Te Winschoten is gevankelijk binnengebracht Jan Smit, uit Muntendam, oud 20 jaar, beschuldigd van poging tot moord. Hij had een revolverschot gelost op een meisje, met wie hij verkeering had gehad, doch die hem ontrouw was geworden. Hij trof haar in de borst doch niet levensgevaarlijk.
12 september 1895
Op een trakteerpartijtje, dat oolijke broeders van de natte gemeente te Muntendam elkaar bereidden, door botje bij botje te doen, en waarbij herhaardelijk weder in het vestzakje getast moest worden, omdat de bodem van "olle zwarte" bloot kwam, ontstond ten slotte een heevige twist, omdat de boodschapper met minder "geestrijk vocht" overkwam, dan rechtens verwacht mocht worden. De twist sloeg tot handtastelijkheden, ja tot handtastelijkheden, want een neef - van zijn familie moet men het doch maar hebben - beet zijn oom, den ontrouwen boodschapper, eerst een hap uit den duim der linkerhand en toen een dito uit de onderlip. Tegen den hard- en scherptandige neef is door de maréchaussees procesverbaal opgemaakt.
21 oktober 1895
Men schrijft uit Zuidbroek aan de N.R.Ct.:
Reeds geruimen tijd heeft eene zekere familie Slor haar tenten opgeslagen in de nabijheid dezer gemeente. Deze familie, reeds voor een paar jaren uit eene woning op de publieken weg gezet, heeft sedert dien tijd geen woning meer kunnen huren, waarom zij ergens aan den publieken weg eene keet bouwde en daar verbleef totdat op last van den burgemeester van Muntendam dit getimmerte werd afgebroken en de primitieve woning met alle have en goed (natuurlijk niet van veel omvang) werd vervoerd naar de zoogenaamde Hondenlaan, een object voorkomende op den legger der wegen der gemeente Muntendam. Hier op dien weg heeft de familie zoo ongeveer het gehele jaar gehuist. Midden in het veld omringd door weelderig graan, achtte zij het niet ondienstig eenige knorrige viervoeters er op na te houden die ruimschoots hun dagelijksche behoeften vonden. Eenige malen werd procesverbaal opgemaakt tegen een of meer bewoners, die over met vruchten bezaaiden grond liepen, doch de meeste malen bleef eene aanklacht wegens eene zelfde of nog ergere daad uit vrees achterwege. Natuurlijk laat de opvoeding der kinderen alles te wenschen over. Een er van werd voor jaren geplaatst in een rijks-opvoedingsgesticht en heeft naar wij vernemen binnenkort zijn tijd "om", om zoo terug te keeren in den schoot zijner familie in de ouderlijke woning. Een voorval, dat vreeselijke gevolgen had kunnen hebben, vond l.l. Maandag in de onmiddelijke nabijheid plaats. De trein van N. Schans, hier ruim 8 uur in den morgen arriveerende, stootte op eenige zware vierkante stukken ijzer, die op de rails waren gelegd, waarvan een den machinist-leerling Folkers om de ooren vloog, zonder hem evenwel te treffen. Een onderzoek door rijks- en gemeentepolitie gedaan, bracht aan het licht dat een zoon van genoemden Slor die stukken op de rails had geplaatst. Het mag een wonder heeten dat de trein niet is gederailleerd, daar de in beslag genomen stukken ijzer den indruk der wielen van de locomotief dragen. Tegen den jongen, wiens ouderdom niet door de ouders noch door hem is op te geven, doch die vermoedelijk 12 a 13 jaar is, is proces-verbaal opgemaakt.
21 november 1895
Einde Goed ......alles Goed.
Een gehuwd man, wonende te Muntendam, sloop, volgens de N.Gr.Ct., de vorige week in een huis, waarin de oudste dochter alleen aanwezig was. Deze begreep als spoedig zijn minder goede bedoelingen en nam de vlucht, achtervolgd door den deugniet. Op weg werd hij echter door twee werklieden staande gehouden, die hem misschien zijn slecht plan afraadden, hij althans ging met hen mee en beloofde te zullen trakteeren, zoodra hij thuis was. Daar gekomen, wilde hij ongemerkt een geladen revolver voor den dag halen in plaats van spiritus, doch zijn begeleiders waren hem te vlug en te sterk en toen hij zag, dat hij geen baas kon worden, stelde hij voor .... een deuntje te spelen op de harmica. En zoo geschiedde!!
4 juni 1896
Marten Lekkertje
Woensdag overleed aan ouderdomszwakte Marten Martena, te Muntendam. In de wandeling noemde men hem "Marten Lekkertje". Deze patriarch bereikte den gezegende leeftijd van 93 jaren. Hij was geboren te Winschoten en stamde, volgens de traditie, af uit een Zigeunerfamilie, die zich in 't begin dezer eeuw in dezen streken vestigde. En let men op 't eigenaardige type der Martena's, op hun zwarten haaren, donkere ogen en bruine gelaatskleur, alsmede op sommige hunner karakteriseerende eigenschappen, als hun bekende voorliefde voor en bekwaamheid in den paardenhandel, hun smaak in vleesch van dieren, die den natuurlijken dood zijn gestorven, enz., dan moet men wel tot de overtuiging komen, dat de traditie in deze op waarheid berust. Marten bewoonde langen tijd op den Polder te Muntendam een hut, met een groote bedstede, waaronder een aantal kippen vroolijk rondscharrelden en waarop een hond, zijn trouwe slaapkameraad, diende als middel tegen rheumatiek. Die ziekte moest volgens zijn vaste overtuiging overgaan op dat dier. Op een kruiwagen gereden, bezocht hij nu en dan tot in het laatst van zijn leven Veendam, om hier en daar een cent te vragen, die dan gewillig aan den ouden man werd uitgereikt. In vroegere tijd dreef hij een vrij uitgebreidden handel in paarden, zoogenaamde "afleggers". Zijn bekwaamheid in dezen tak van handel is op zijn talrijke kinderen en kleinkinderen overgegaan, zoodat niemand bevreesd behoeft te zijn, dat met hem te Muntendam de paardenhandel ten grave zal daalen (Veend.Ct.) (Marten Baltes Martena is geboren op 14-04-1805 in Winschoten. Hij is gedoopt op 21-04-1805 in Winschoten. Marten is overleden op 27-05-1896 in Muntendam, 91 jaar oud. Marten trouwde, 24 jaar oud, op 02-07-1829 in Winschoten met Elsjen Martinus Karalijn, ongeveer 28 jaar oud. Notitie bij het huwelijk van Marten en Elsjen: volgens huwelijksakte Genlias geboren Gouda, volgens overlijdensakte Genlias geboren Muntendam Elsjen is geboren omstreeks 1801 in Gouda?. Elsjen is overleden op 09-01-1877 in Muntendam, ongeveer 76 jaar oud.)
3-01-1897
Bloedvergiftiging
Weer een geval van bloedvergiftiging met doodelijken afloop heeft zich te Muntendam voorgedaan. Een 19-jarig jongeling had een onbeduidend wondje aan de wang. Plotseling zwollen het hoofd en zelfs de borst onrustbarend op. Ondanks de hulp van twee geneesheeren is de ongelukkige patiënt na een smartelijk lijden bezweken. (Geert de Vries is geboren op 26-04-1876 in Muntendam, zoon van Harm de Vries en Dietje Jager. Geert is overleden op 31-01-1897 in Muntendam, 20 jaar oud)
6 maart 1897
Te Muntendam is dezer dagen een veertienjarig meisje moeder geworden van een zoon. (meisje is Trijntje Elzinga, geboren 14-7-1882 te Muntendam, dv Simon Elzinga en Aaltje Brouwer, kind is Pieter Aaldrik Elzinga geboren 26-02-1897 te Muntendam.)
3 april 1897
Vergiffenis gegarandeerd!
Dina Seggers is een bekende straatfiguur van Muntendam. Zij heeft één kind, een volwassen dochter, die Jantje heet en haar vader nimmer "met bekende oogen" van aangezicht tot aangezicht heeft gezien. Moeder en dochter woonden samen tot voor kort, toen door twist gescheiden werden. Jantje moest het hazenpad kiezen 22 januari j.l. Moeder Dina hoorde sedert niets meer van haar en nu adverteert men in een plaatselijk blad het volgende:
“Jantje Seggers van Muntendam, sedert 22 januari zwervende in gezelschap van Piet Postmus, venter in snuisterijen, wordt dringend verzocht, terug te keeren tot hier diep bedroefde en in eenzaamheid neerzittende moeder Dina Seggers. P.S. Vergiffenis gegarandeerd”.
30 juli 1897
Brutaal
Hoever sommige zeer onrustige burgers van Muntendam hun zwerftochten in deze provincie en elders uitstrekken, is zeker aan niemand dan aan deze Nomaden zelf bekend. Dat zij echter ver kunnen dwalen, zal men wel willen aannemen. Voor een paar weken vereerde een gezelschap van deze lieden de gemeente 't Zandt met een bezoek.
Daar waren de Pluimen, een Kip, een Prins en vooral niet te vergeten een zekere Harm Akkerman (zie foto) Voorzeker een net gezelschap! Gezamelijk ging men een winkel binnen en vroeg daar eieren en jenever, natuurlijk niet om advocaat te maken, maar voor afzonderlijk gebruik. Toen 't echter op betalen aankwam, had men geen geld. Toch ontving de koopman een oogenblik later contanten. 't Was Harm A., die alles betaalde. Hij was zelfs zoo royaal, dat hij, toen een herbergier in de buurt, bij wien de club later aanlandde en eenige "bakjes"jenever vroeg, de vrees opperde, of hij wel geld zou bekomen voor zijn waar, dadelijk een rijksdaalder voor den dag haalde en zei, dat hij alles zou voldoen. Nu was 't crediet open en dronk men wakker voort. Ongelukkig kwam men zoo langzamerhand, misschien wel ten gevolge der vele geconsumeerde borrels, in ietwat netelige stemming, en wisselde het drinken een kloppartijtje af. Den volgende dag stapten vijf Muntendammers, waaronder ook leden van bovenbedoeld gezelschap, in de beste harmonie de woning van een boer binnen, namen daar een pot met brij van het vuur en zetten zich ongegeneerd aan den maaltijd. Zelfs toen de heer des huizes in eigen persoon verscheen en harde woorden liet vallen over den aanval op zijn brijpot, maakte dit blijkbaar op de vreemde bezoekers niet den minsten indruk. Zij schepten de borden, die op tafel stonden nog eens vol, smulden naar hartelust van de "zoepenbrij" en wierpen toen, zeker in een vlaag van brooddronkenheid de schotels stuk. Daarna trokken zij verder.
Inmiddels was de winkelier, bij wien't gezelschap het eerst was geweest, tot de onaangename ontdekking gekomen, dat er geld uit zijn winkellade was ontvreemd. Dit had tengevolge, dat er later te Muntendam een onderzoek in 't werk werd gesteld. Toen beloonden sommigen der makkers van Harm A. de door hem te 't Zandt betoonde vrijgevigheid met hem te beschuldigen, dat hij bij den bedoelden winkelier diefstal had gepleegd. Wat de afloop van deze reis zal zijn, zal nog moeten blijken.
1 juli 1898
Vergiftiging van de laagste soort!
Men bericht uit Winschoten: De gebr. Slor, van Muntendam, zijn zwaar geboeid hier binnengebracht. Zij worden verdacht verschillende regenbakken vergiftigd te hebben met pretroleum en faccaliënstoffen.
20 augustus 1898
Te Muntendam werden een vijftal schoolkinderen door de hitte zoo ernstig ziek, dat men aanvankelijk voor hun leven vreesde. Dankzij doeltreffende maatregelen, zijn zij echter behouden gebleven.
3 februari 1899
Te Muntendam werd vrijdag jl. de 21-jarige H.K. levenloos gevonden. Het lijk lag over de wieg van haar pas 6 maanden oud kind. Het kind had evenwel geen letsel bekomen. (Henderkien Kip is geboren op 18-06-1877 in Muntendam, dochter van Hindrik Kip en Aaltje Haijer. Henderkien is overleden op 29-01-1899 in Muntendam, 21 jaar oud. )
22 juni 1899
Onder de gemeente Muntendam (Gr.) is Maandag middag te vier uren de bliksem geslagen in de nieuwe landhoeve van K. Visser. Het vuur heeft het geheele gebouw met den inboedel verwoest. Het vee is gedeeltelijk gered, drie vette kalveren zijn in de vlammen omgekomen. Alles is door verzekering gedekt.
17 april 1900
Wilhelminaboom
Te Muntendam heeft zich een niet onaardig incident voorgedaan tusschen den burgemeester en een der wethouders. Tijdens de kroningsfeesten is op een ruim plein een Wilhelmina-boompje geplant. Omreden dit boompje aanvankelijk niet goed wilde opschieten besloten B en W een ander te koopen en te plaatsen naast den eersten boom. Een prachtig ijzeren hek moest het geheel versieren. De verwachting, dat de eerst geplante boom zou doodgaan, is niet verwezenlijkt; beide boompjes floreerden goed. Een der boomen moest echter weg, maar welke? Besloten werd de meest fleurige te laten staan. Nu is de vorige week op last van den burgemeester de grootste linde verwijderd en elders geplaatst. Deze daad verwekte zoozeer het misnoegen van een der wethouders, dat hij besloot den anderen boom ook te laten weghalen, zodat op dit oogenblik het prachtige hek alleen staat zonder Wilhelminaboom. Naar we vernemen, heeft de burgemeester schriftelijk den wethouder gevraagd, om welke redenen hij den boom heeft verwijderd. Op dit schrijven is niet geantwoord. De wethouder daarentegen is zelf naar Groningen gegaan, om aan de hoogere macht het geval mede te deelen. Men is nu algemeen benieuwd hoe deze zaak zal aflopen (N.R.Ct.)
28 juli 1900
De jongens kregen hun zin!
Te Muntendam (Groningen) wilde het hoofd der school op een dezer warme dagen, hoewel de temperatuur reeds 82 gr., in de schaduw was, der jeugd geen vrijaf geven. De jongens der hoogste maakten zich hierover warm, protesteerden en verlieten om 11 uur de school. Toen gingen zij naar den burgemeester en klaagden hem roerend hun nood. De burgemeester stond hun de vacantie toe. Al zingende trok men daarop naar de school, om daar den onderwijzers de tijding mede te deelen.
30 november 1901
Een duur potlood
De officier van justitie te Winschoten eischte tegen P. Akkerman, van Muntendam, die reeds vijftien maal was veroordeeld, wegens diefstal van een potlood, waarbij hij inbraak pleegde, een gevangenisstraf van vijf jaren.
24 juli 1902
Te Muntendam geraakte Maandag eene moeder zóó in drift, dat ze haar 6 jarig kind met een scherp voorwerp in de borst stak, waardoor een diepe wonde ontstond. Het kind is gelukkig niet levensgevaarlijk gewond. De vrouw verklaarde, toen ze verhoord werd, niet te weten hoe de wond ontstaan was.
28-8-1902
Eenmaal-geenmaal
Martje H., venster te Muntendam, had een enkelen keer geminnekoosd met Berend S. Eén enkelen keer maar, zeggen sommigen. Maar men weet hoe 't gaat. Dergelijke dingen worden door 't gerucht vaak tot m't oneindige overdreven, vooral als dat gerucht onder dames komt.
En zoo meende Fenna K. reden te hebben, Martje uit te maken voor al wat leelijk was. Zij nam geen blad voor den mond. In ruwe taal besprak zij de liaison van Martje en Berend. De woorden 'zwien", "flarre", "loeder", waren nog maar de minste der liefelijkheden, die zij Martje naar 't hoofd wierp.
Deze nam dat alles niet op voor zoete koek. Bij de bereden politie diende ze tegen Fenna een aanklacht in wegens beleediging, zoodat laatstgenoemde dame zich spoedig te verantwoorden zal hebben voor de justitie. ("Tol.")
17 april 1903
De arbeider W. Smit, van Muntendam, is eergistermiddag te Musselkanaal onder de paardentram geraakt. Een zijner beenen werd afgereden, het andere zwaar verwond. De ongelukkige is direct naar Groningen vervoerd.
12 juli 1903
Bloedvergiftiging
Te Muntendam is een jonge moeder aan bloedvergiftiging overleden. De vrouw had een klein wondje aan de lip, waarin door de eene of andere omstandigheid smetstof is gekomen. De patient is naar Groningen vervoerd, maar kon niet meer geholpen worden. (Geertruida Ackermann is geboren op 16-10-1876 in Muntendam, dochter van Ebbe Akkerman en Fennechien Hooijer. Geertruida is overleden op 05-07-1903 in Groningen, Geertruida trouwde op 04-01-1900 in Muntendam [bron: Hmu-1900-01] met Klaas Veendorp).
20 juli 1904
Te Muntendam is de behuizing van den slager Venema afgebrand. Assurantie dekt de schade.
13 januari 1905
Te Muntendam (Gr.) vervoegde zich eergisteren ter secretarie een 18-jarige jongeman, die zich moest laten inschrijven voor de nationale militie, lichting 1906. De loteling, gehuwd, bleek reeds vader van twee kinderen te zijn en een derde eerstdaags te wachten te hebben.
4-4-1906
De Veend.Ct. meldt:
Zondag den 1 april was het weer feest in het huis voor dakloozen te Muntendam, welk huis thans bewoond wordt door Berend S. met zijn vrouw Gijlje P. en een zestal kinderen. Gijlje verdient tegenwoordig een paar centen met muren boenen en daarom werd er een borrel gedronken. Afien, die bij haar zuster Gijlje op bezoek was, kreeg ook een drupje en deelde, evenals S., mede in de feestvreugde, doch dit duurde niet lang, want nadat de drank begon te werken, kregen zij onderling ruzie, eindigden met een formeele vechtpartij, waarbij zij elkander "bloedige koppen" sloegen en alles vernielden wat in de keet aanwezig was. De brigade-commandant der marechassee maakte een einde aan het kabaal door de gezusters P. te arresteeren en over te brengen naar Winschoten, waar ze bovendien nog 4 dagen logies te goed hadden. Gijlje was bijna naakt en zat onder de modder en het bloed, waardoor ze bijna onherkenbaar was. Een groote menigte was bij dit tumult op de been.
31 mei 1906
Eigenaardig besluit
Men schrijft: De kerkvoogden der Ned.Herv. Kerk te Muntendam hebben een zeer eigenaardig besluit genomen. Bij een begrafenis wordt steeds de torenklok geluid, zooals elders op kleine dorpen. Deze heeren nu hebben besloten alleen te laten luiden voor dien doode, wiens nabestaanden steeds de kerklasten hebben betaald. Onwillige belastingbetalers en hun familieleden en armlastigen zullen met "stille trom" begraven worden.
8 december 1906
Een daklooze en de Woningwet
Men schrijft aan "het Vad.": De kantonrechter te Zuidbroek heeft een dakloos sjouwerman te Muntendam veroordeeld tot 10,50 boete subs. 1 dag hechtenis, omdat deze, in het zg. Tehuis voor Dakloozen, waarin hij met zijn gezin vertoefde, welk Tehuis uit niets anders dan 4 kale muren met een gemeenschappelijken schoorsteen bestond, den vloer blijkbaar te koud vond, om er een poover beddegoed, wat lappen en lompen op neer te leggen en deswege een bedstee timmerde, zonder echter te letten op de Woningverordening. Welke voor de bedstee opening natuurlijk bepaalde minimale afmetingen eischt. Dit zal ongetwijfeld wel de nieuwste rechtelijke beslissing zijn, welke in zake de volkshuisvesting is gevallen. De arbeider Harm H. was vervolgd om te voorkomen - gelijk de veldwachter voor 't kantonrechter beweerde - dat het gezin van H. er zich huiselijk ging inrichten.
23 december 1906
Brandstichter
In den strafgevangenis te 's-Hertogenbosch is dezer dagen een 82-jarig man overleden, de te Muntendam (Groningen) zeer bekende Berend Romp, die zijn laatste straf had te ondergaan wegens brandstichting.(Berend Romp *29-10-1825 Muntendam - ovl. 16-12-1906 z.v. Jan Jans Romp en Grietje Franssen van der Molen; gehuwd Maria Jonker)
29 mei 1907
Overreden
Gistermorgen geraakte te Muntendam de ruim 30-jarige arbeider T. Werkman, die bezig was met zandvlotten, onder de zwaarbeladen kar, die hem over het hoofd reed. De ongelukkige stierf eenige oogenblikken later. Hij laat een vrouw met drie jeugdige kinderen achter. (Tiemen Werkman *6-10-1870 Muntendam, z.v. Aldert Werkman en Harmke Harberts; gehuwd Antina Prins)
30 juli 1907
Tegen Gezina N., vrouw van Harm Sl., wonende in een der armenkamers te Muntendam is door de mareshaussees proces-verbaal opgemaakt wegens het opzettelijk dronken maken van haar 10-jarig dochtertje. Deze vrouw was zoo laag, om haar dochtertje een theekopje jenever op te laten drinken, tengevolge waarvan het arme meisje zoo dronken werd, dat het heel wat moeite heeft gekost om het kind weer bij te maken en men in het begin voor het ergste vreesde (N.Winsch. Ct) (gezin: Harm Slor en Gezina Nuijen)
5 februari 1908
Treurig
Te Muntendam is Zaterdagnacht zekere M. Frans, van Oude Verlaat, van koude en uitputting omgekomen. Hij had den nacht op straat doorgebracht en werd des morgens verstijfd in een gang gevonden. (Markus Frans *3-3-1842 Oude Pekela z.v. Willem Harms Frans en Egberdina Gerhardus Stuart; gehuwd Geertje Schipper)
4 juli 1908
Ongeluk
Nabij Zuidbroek viel gisteren de werkman D. Smilde van Muntendam van de eerste Groninger tram. Beide beenen worden hem onder de knie zoo goed als afgesneden. De ongelukkige verkeert in levensgevaar.
1 november 1908
Moord te Veendam
Dinsdagnacht kregen tijdens de kermis te Veendam twee fabrieksarbeiders in een kroeg twist, die zoo hoog liep, dat de een den ander met een mes een steek gaf in het hoofd nabij den slaap. De getroffene, een zekere H. Walthuis, van Muntendam, is Woensdag aan de gevolgen overleden. De dader, een zekere H.O. van Ommerlanderwijk, vader van een groot gezin, is dadelijk in hechtenis genomen. (Heere Wolthuis *29-1-1872 te Muntendam, ovl. 28-10-1908 aldaar, zv Derk Woldhuis en Martje Veentjer, gehuwd met Everdina Martena)
15-02-1910
Ellendige toestanden.
Onder de gemeente Muntendam vindt men thans nog een daklooze familie. In een klein tentje, gemaakt van wat oude zakken, huist de familie in de onmiddelijke nabijheid van het kanaal Veendam-Zuidbroek. Wegens den hoogen waterstand verkeert de vloer van de keet in een zeer drassige toestand. In deze treurige woning is vrijdag een klein wereldburger geboren, men zegt, zonder eenige hulp. De moeder lag in nat stroo, gedekt door een ouden zak. Voor kort zijn drie kinderen aan deze vrouw door den voogdijraad ontnomen.
25 mei 1910
Te Muntendam is gisternamiddag de behuizing van Jan Gruben afgebrand. De inboedel werd gered. Alles was verzekerd.
29-5-1910
Twintig jaren lang had hij hard gezwoegd en geploeterd en - gespaard de stoere arbeider R. Beyes te Muntendam. En zoo had hij langzamerhand een som van f 835,- belegd in de spaarbank te Meeden. Nu kocht hij een klein plaatsje te Oomsberg, bij Vledderveen. Daarmee hij hij zijn ideaal bereikt: een eigen stuk gronds waar hij zelf zijn koren zou verbouwen! En vol moed verhuisde het gezin derwaarts, bracht van 's morgens tot 's avonds laat de akkers in orde, kocht kenstmest, zaaide en pootte en, was gelukkig. Verleden week moest de koopsom betaald worden. 's Avonds tevorens behaalde de man z'n spaarpenningen uit de spaarbank en overnachtte bij zijn ouders te Kibbelgaarn; z'n schat in een linnenzaktje deed hij in den binnenzak van z'n jas. Den volgenden morgen toog hij op weg naar Veendam om de kooppenningen te betalen. De band van zijn fiets werd lek, hij stapte af, trok z'n jas uit, stak z'n brandende pijp in den binnenzak, herstelde de fiets, trapte verder, doch ondekte dra, dat z'n binnenzak smeulde. Fluks steeg hij af, greep toe en - haalde z'n verkoold linnenzakje uit de jas terwijl de wind de verkoolde bankpapiertjes met zich voerde. Radeloos en verpletterd zag de man z'n spaarpenningen van 20 lange jaren verdwijnen. Arme man!
13 januari 1912
Verbrand
Te Muntendam viel de in de Veenkolonien bekende straattype Dina Seggers in het vuur en verbrandde.
29 februari 1912
Uit vrees voor straf.
Een 13-jarige dochter van den arbeider R.R. te Muntendam heeft Donderdagmorgen heimelijk de ouderlijke woning verlaten en was Zaterdag nog niet teruggekeerd, zoodat men het ergste vreest. Naar men zegt, had hare stiefmoeder haar een bestraffing gegeven.
16 december 1912
Te Muntendam is een kindje van den werkman D., welks kleeren vlam vatten aan de heete kachel, tengevolge van brandwonden overleden.
8 juli 1913
Gistermorgen is te Muntendam in het kanaal gevonden het lijk van de 18 jarige Geertruida Dijk, dienstbaar te Veendam. Sedert Vrijdag werd zij vermist.
28 april 1916
Brand
Te Muntendam (Groningen) zijn gisteren drie groote huizen, eigenaren B. Veldman, G. Fennema en G. Wolf en bewoond door tien huisgezinnen waarvan vier hun inboedels niet verzekerd hadden, door brand vernield. Niet verzekerd was ook het huis van G. Wolf. Brand onstaan in het huis van den heer Niemeijer, hoofd der school, werd gebluscht.
11 juli 1916
Verdronken
Te Muntendam is de werkman B.M verdronken (Baltus Meijer *12-11-1887- ovl 10-7-1916 Muntendam z.v. Anna Meijer; ongehuwd)
26 april 1917
Nekkramp
Te Muntendam (Gr) is een kind aan nekkramp overleden.
6 juli 1917
Te Muntendam is gisteren het huis afgebrand van den heer J. Drent, bewoond door F. Wever.
9 november 1917
Verdronken
Een 72-jarige courantenbezorger te Muntendam is bij een scheepswerf te water geraakt en verdronken
23 februari 1918
Vlintklopperij
Te Muntendam (Gr.) wonen, als men het zoo mag noemen, zeven huisgezinnen in de Vlintklopperij. In de werkhokjes van nog geen 2 vierkante meter oppervlakte moet ieder gezin zich behelpen. Er zijn er met 5 en meer kinderen. De hokjes zijn door latwerk en oude lappen wat uitgebouwd en een oude lap vormt de deur. Jong en oud krioelt door elkaar en van een goede afscheiding tusschen de families is natuurlijk geen sprake. Dat ze het er nu koud hebben, is te begrijpen. Hoe primitief alles is, blijkt wel uit het feit, dat er voor al de bewoners zelfs de noodige privaat ontbreekt.
3-4-1918
De raad van Muntendam (Gr.) besloot in de politieverordening vast te leggen; dat in dranklokalen vanaf Zaterdagmiddag 12 uur tot Maandagmorgen 10 uur geen sterke dranken mogen worden geschonken.
4 september 1918
Een vechtpartij in den trein
In den namiddagstrein tusschen Groningen en Nieuwe Schans kregen zaterdag de militair Hoving, van Muntendam en de burger Slor, van Foxhol, hevige twist, die zoo hoog liep, dat H. van de bajonet gebruik maakte. S. kreeg een steek in de hand en werd aan den hals ernstig verwond. De medepassagiers trokken de noodrem over, waarna H. bij het station Hoogezand in arrest werd genomen. Voor S. werd te Hoogezand onmiddelijk geneeskundige hulp ingeroepen. De trein ondervond door dit alles ruim 20 minuten vertraging.
3 augustus 1920
Moord
Zaterdagavond werd de 43-jarige Berend Pluim (foto) te Muntendam, die in het gras had liggen slapen, met bijna geheel afgesneden hoofd gevonden. Kort tevoren had men den arbeider H.Veendorp nog bij hem gezien. Op vermoeden van moord is deze direct gearresteerd. Inmiddels heeft Veendorp bekend. De vermoorde zoowel als de gearresteerde stonden slecht bekend. Samen waren ze aan het vlastrekken geweest. Pluim laat een weduwe met 8 kinderen na. Veendorp heeft een vrouw met 5 kinderen. (Berend Pluim is geboren op 20-12-1875 in Muntendam, zoon van Geelje Pluim. Berend is overleden op 31-07-1920 in Muntendam, 44 jaar oud. Berend trouwde, 26 jaar oud, op 15-05-1902 in Muntendam met Roelfina Schiphuis, 22 jaar oud. Roelfina is geboren op 30-07-1879 in Muntendam, dochter van Evert Schiphuis en Anna Luttje. Roelfina is overleden op 01-03-1942 in Noordbroek, 62 jaar oud. Zij is begraven in De Venne, Muntendam.)
16 maart 1921
Bij het stroovervoer heeft de voerman G.S. te Muntendam, van zijn paard zulk een slag voor het hoofd gekregen, dat de man kort daarna overleden is. (Genlias: Geert Smit, geboren 4-5-1895 te Muntendam, overleden aldaar 5-3-1921, zoon van Jessina Smid)
28 juni 1921
Een pupil
De gemeente Winschoten heeft met een het vorig jaar meerderjarig geworden pupil der Vereeniging Kinderzorg aldaar, afkomstig uit Muntendam, een minder aangename ervaring opgedaan.
Deze pupil, die zich ten tijde van haar 21sten veerjaardag bevond in het gesticht Luzinoord te Ermelo, meldde zich, na eerst een paar maanden te hebben vertoefd bij haar hertrouwde moeder in een woonwagen te Vlagtwedde-Veldhuis, aan bij een der dames-bestuursleden van Kinderzorg, die haar mededeelde dat de zorg der Vereeniging met haar meerderjarigheid was beëindigd, maar het meisje reisgeld gaf naar Muntendam, waar het thuis behoorde en waar haar vader woonde. Een paar dagen later werd dit meisje, dat niet in haar onderhoud kon voorzien en geestelijk minderwaardig is, onder politie geleide naar Winschoten gebracht, omdat de gemeente Muntendam meende dat zij als armlastige van Winschoten moest worden beschouwd. De gemeente Winschoten meende, dat deze opvatting al was zo van wettelijk standpunt te verdedigen, niet opging en onderwierp het geschil via Ged.Staten aan de Kroon ter beslissing. Uitgemaakt werd, dat deze pupil bij meerderjarigheid haar woonplaats had te Winschoten waar de zekt der Vereeniging, die met haar voogdij was belast, was gevestigd en dat derhalve deze gemeente de kosten voor verdere verpleging had te dragen. Ze is daarna op kosten van Winschoten opgenomen in het kranzinnigengesticht.
B. en W. van Winschoten, meenende dat zij geen vereeniging, die ook in het vervolg meer pupillen ten laste van de gemeente zou kunnen brengen niet meer mocht steunen, hebben de jaarlijksche subsidie van f 500 voor Kinderzorg niet op de begrooting 1921 gebracht. Het gevolg daarvan is dat Kinderzorg een verzoek om voogdij te aanvaarden over kinderen afkomstig uit Winschoten, niet meer in overweging zal nemen, daar zij uit gemeenten, welke haar niet geldelijk steunen, geen pupillen opneemt. Het bestuur van Kinderzorg is met het gemeentebestuur van oordeel, dat de wet die dergelijke beslissingen met zich brengt, hoogstnoodzakelijk moet worden gewijzigd. In het aan den Minister van Justitie uitgebracht jaarverslag over 1920 heeft het speciaal op dit geval en deze beslissigng gewezen en op wetswijziging aangedrongen. (pupil: Hillechina Slor is geboren op 27-05-1899 in Muntendam, dochter van Harm Slor en Gezina Nuijen)
11 juli 1921
Knaapje verongelukt
Te Muntendam is het 4-jarig zoontje van de weduwe P. onder een met steenen beladen wipkar geraakt en op slag gedood.
11 oktober 1921
Motorongeluk
Zaterdagmiddag is de aannemer H. Brink uit Muntendam, te Leeuwarden, waar hij woningen bouwt, met zijn motorrijwiel tegen een boom gereden. Doordat de motor doorwerkte en 't voorwiel onbruikbaar was geworden, schoot de motorrijwiel nog een paar meter verder, sloeg toen over den kop, waarbij de berijder eveneens een buiteling maakte en tegen den volgenden boom werd gesmakt. Hij was onmiddelijk dood.
18 augustus 1923
Ook een jubileum
De venter S. te Muntendam, iemand van ruim 50 jaar, is dezer dagen voor den 100en keer veroordeeld.
2 januari 1924
Kokende koffie gedronken
Het 2-jarig zoontje van den wegwerker B. Beerta te Muntendam (Gron.), dronk uit een kan met kokende koffie en stierf onder smartelijke pijnen. (Klaas Roelof Beerta, geb. ca 1921 te Muntendam overleden aldaar 28-12-1923, z.v. Boelo Beerta en Gepke Seip)
21 mei 1924
Turn-ongelukTe Muntendam is Zondag overleden de 33-jarige H.H., die des avonds te voren als toeschouwer bij slingerbalspel den zwaren ijzeren kogel tegen het hoofd had gekregen. Hij laat een vrouw met 5 kinderen achter. (Genlias: Harm Hekman, geboren 25-12-1890 te Weiwerd gem. Delfzijl,overleden 17 mei 1924 te Muntendam, gehuwd Geertje Boxma, zoon van Lammert Hekman en Annechien Brouwer).
8 mei 1925
Een wraakzuchtig zoon
Te Winschoten is in arrest gesteld, de 22-jarige rijwielmaker J.W. uit Muntendam, die uit wraak den auto van zijn vader in brand gestoken heeft.
3 september 1925
Ongehoorde salarisuitbetaling te Muntendam
Het hoofdbestuur van den Bond van Ned. Onderwijzers heeft zich met een klacht gewend tot Ged.Staten van de provincie Groningen en tot den Minister van Onderwijs over de nalatigheid van het gemeentebestuur van Muntendam bij het uitbetalen van de salarissen der onderwijzers. Hoewel dit volgens K.B. van 29 Januari 1924 nr. 23 maandelijks dient te geschieden en de gemeentebesturen de daarvoor noodige gelden bij voorschot van het rijk ontvangen, blijft uitbetaling op tijd in den regel achterwege. Meestal moeten de betrokkenen meer dan een week op hun geld wachten. Het salaris over Juli, dat 1 augustus uitbetaald moest worden, zal eerst 2 september worden uitgekeerd, dus meer dan een maand te laat. Aan Ged.Staten en den Minister is verzocht maatregelen te bevorderen, opdat aan dezen ongehoorden toestand een eind gemaakt wordt..
5 november 1925
Men meldt uit Winschoten aan de "Msb." dat de venter H.P. uit Muntendam deezer dagen door den politie-rechter werd veroordeeld. Niet zoozeer dit feit is het wat de aandacht trekt dan wel dat het de zegtigste maal is dat de man veroordeeld werd!
18 januari 1926
Brandstichting
Te Winschoten is de 25-jarige J. de V., slager te Muntendam, wegens brandstichting in het huis van S. te Meeden, gevangen gezet. Hij is de verloofde van de dochter van S. Vader en dochter bevinden zich ook in voorloopige hechtenis.
8 april 1927
Kerknieuws - Pastoor Geling
In het R.K. Ziekenhuis te Winschoten overleed den Weleerw. heer H. Geling, pastoor te Veendam. De overledene werd geboren te Muntendam en bereikte de ouderdom van 73 jaren. Op 8 augustus 1878 werd hij priester gewijd, waarna hij 30 oct. 1882 assistent werd te Duistervoorde. Achtereenvolgens volgde zijn benoeming tot kapelaan te Mijdrecht tot assistent te Bussum, tot kapelaan te Etten, tot assistent te Sappemeer, tot kapelaan te Gendringen, tot pastoor te Delfzijl, id. tot Gellicum en te Veendam.
10 november 1927
Onvoorzichtig met een wapen
Te Muntendam heeft de arbeider P.L. zich bij ongeluk met een oud schietgeweer in de borst geschoten. De toestand is zorgelijk.
15 april 1929
Slaapziekte
K te Muntendam lijdt reeds een week aan slaapziekte. Af en toe ontwaakt de jongeman even om eenig voedsel tot zich te nemen.
5 mei 1929
Brand te Muntendam
Te Muntendam is bij de autogarage van den heer W. Stikker een schuur afgebrand, doordat kinderen een vuurtje in de nabijheid stookten. Er waren fietsen en banden in geborgen. De brandweer heeft de belendende perceelen kunnen behouden. De heer W. Eekelman, een raadslid te Muntendam, wilde zich per fiets naar den brand begeven. Door onbekende oorzaak reed hij tegen een boom en werd dood opgenomen.
3 september 1929
Verdronken
Te Ommerlanderwijk is een alleen gelaten meisje van 14 maanden van wed. Wolthuis uit Muntendam uit een woonschip geklommen en in de Wijk verdronken. De moeder was op dat moment op een aardappelveld werkzaam. (Genlias: Everdiena Woldhuis geb. ca 00-07-1928 te Hoogezand, ovl. 2-9-1929 te Veendam, d.v. Marten Woldhuis en Staatsina Graver)
28 september 1927
Liefdesdrama te Muntendam"
Meisje dood in een sloot gevonden - jeugdig onderwijzer aangehouden
Men meldt uit Veendam d.d. 27 september aan Tel:
Te Muntendam is vanmorgen in een zeer ondiepe sloot dood gevonden een 16-jarig meisje uit Sappemeer. Daar de sloot niet diep was werd aan misdaad gedacht. Ook moet het kind een briefje in haar taschje hebben gehad, dat heenwees naar een liefdesbetrekking met een jeugdig onderwijzer te Sappemeer. De mareschaussee te Muntendam hebben bedoelden onderwijzer K. vanmorgen gearresteerd en ingesloten. Zij wenschen omtrent het onderzoek, dat met kracht wordt voortgezet, geen inlichtingen te verstrekken. Het meisje G.K. geheten, is de dochter van een weduwe. (Genlias: Grietje Kuur, geb. ca 1911 te Sappemeer, ovl. 27 september 1927 te Muntendam, dv. Jakob Kuur en Grietje Penning)
1 oktober 1927
Geen moordaanslag?
Het drama te Muntendam - Een raadselachtig geval
Omtrent den te Muntendam gepleegden moordaanslag kan de Tel nog het volgende mededelen:
Het meisje, dat men dood in een sloot gevonden had, was des middags nog bij haar oom en tante Hamminga geweest. Zij kwam om 4 uur en ging, na aan den maaltijd te hebben deelgenomen, des avonds per fiets weer huiswaarts. Toen zij om 9 uur nog niet terug was, was haar moeder bezorgd naar buurvrouw K. gegaan. Haar zoon, de onderwijzer H.K. zat rustig bonen te stroopen. Deze stelde de moeder gerust, dat 't meisje wel spoedig zou komen. Maar om 11 uur was Geertje nog niet thuis. En weer ging de moeder naar buurvrouw, die reeds te bed lag. De jeugdige onderwijzer, die voor de hoofdacte studeert, zat nog te werken. Hij is er toen op uitgetrokken en heeft den geheelen nacht met een 13-jarig broertje van het meisje naar haar gezocht. Laatstgenoemde vond, ongeveer 10 minuten van het huis van Hamminga verwijderd, een damesfiets tegen een boom. Samen hebben zij naar Geertje gezocht, doch toen zij niets vonden, deden zij aangifte van het geval bij de mareschaussee. Deze ging mee terwijl het inmiddels begon te lichten, vond de opperwachtmeester het meisje, zoals reeds gemeld, in een zeer ondiepe sloot met het hoofd voorover. Op den wal gehaald bleek het kind een bloedneus gehad te hebben, terwijl blauwe nagelindrukken aan den hals waren te zien. Op het aangezicht waren verwondingen zichtbaar.
De aanwezigen waren zeer ondaan en niet het minst de jonge onderwijzer. De opperwachtmeester heeft toen het lijk in beslag genomen en tevens, zoals wij reeds hebben medegedeeld, den onderwijzer gearresteerd. Woensdag is het Parket van Winschoten te Muntendam gearriveerd en werd door dr. G.W. Mierenet sectie op het lijk verricht. Toen het lijk uit het water werd gehaald bevond zich, zoals men weet, in het taschje een afscheidsbriefje van Geertje. Maar men vermoedt dat zij niet zelf de schrijfster er van geweest is. Haar beursje, dat zij anders steeds in het handtaschje heeft, werd nu in de achtertasch van het rijwiel gevonden. Het briefje was een stuk krant, waarop geschreven stond: "Vaarwel - Geertje". Welke resultaten de sectie heeft opgeleverd in verband met de verwondingen op het gezicht, is niet met zekerheid te zeggen. Men deelde ons mede, dat dr. Mierenet niet aan moord dacht. Maar zekerheid hebben wij daarvan niet. Het is inderdaad een raadselachtig geval.
30 september 1927
De aangehouden onderwijzer uit Sappemeer
De onderwijzer H.K. uit Sappemeer, die was aangehouden in verband met het verdrinken van het 16-jarige meisje G.K. te Muntendam, is naar de Tel. meldt, na verhoor door het parket te Winschoten op vrije voeten gesteld.
22 maart 1929
Liefdesdrama
Veendam, 21 maart. Gisteravond heeft te Muntendam de 18-jarige F.Schr. Br. F. van Veendam met een slagersmes vier steken toegebracht en uit minnenijd gedood. Hij gaf zich daarna zelf bij den marechaussee aan. >>
Omtrent het drama, dat zich Woensdagavond te Muntendam afspeelde, nog het volgende:
Woensdagavond ging de 21-jarige Bronno Feiken van de Korte Akkers onder Veendam, met een meisje, dat de catechistaie van den heer Jager, van de Herv. Evangelisatie te Muntendam volgt, huiswaarts in de richting van Tripscompagnie - Borgercompagnie. Tegelijk met haar, verliet ook de 18-jarige Frederik Schrijver, een slagerszoon, van Muntendam, de leerkamer. Schrijver schijnt ook oog op het meisje te hebben gehad en had er misschien wel eens ruzie over gehad met Feiken. In elk geval, onderwijl Feiken met het meisje naar Borgercompagnie fietste is Frederik een slagersmes uit huis gaan halen en daarmede Bronno tegemoet gereden. Ongeveer 200 meter ten oosten van het kruispunt te Tripscompagnie, heeft de ontmoeting plaats gehad. Bronno had het meisje inmiddels thuis gebracht en wilde naar huis terug keeren. Vermoedelijk zijn de beide jonge mannen slaags geraakt en heeft Schrijver het slagersmes wreed gehanteerd. Na het gevecht is hij naar de marechaussee-kazerne te Muntendam gegaan en heeft aangifte gedaan van den door hem bedreven moord. De marechaussee stelde een onderzoek in, terwijl dr. Zeven werd ontboden. Deze constateerde, dat de dood reeds eenige ogenblikken geleden was ingetreden en dat de getroffene twee steken in het hoofd en twee in de borst had opgelopen. De vader van den dader is Israëlliet, zijn moeder Christin. (Bronno Feiken is geboren op 30-12-1907 in Veendam, zoon van Eenjo Feiken en Antje Kruizinga. Bronno is overleden op 20-03-1929 in Tripscompagnie (Muntendam), 21 jaar oud.)
17 december 1929
Schippersknecht overboord gevallen
Zondagmorgen te ongeveer zes uur verliet het motorschip "Maria" geladen met aardappelmeel voor Rotterdam de Enkhuizer haven. Even buiten de haven miste de schipper J. v.d. Molen zijn 23-jarige knecht H. Smit uit Muntendam. De schipper had hem nog voor het verlaten der haven achter op bij de roef gezien. Vermoedelijk is de ongelukkige buiten de haven overboord gevallen en door den sterke stroom medegevoerd. Tot heden toe heeft men het lijk nog niet gevonden. De ongelukkige was een eenige zoon. (Genlias: Hindrik Hiddo Smit geboren ca 1908 te Veendam, overleden 18-2-1930 te Enkhuizen zv Tonnis Smit en Alida Magrietha Jonker)
13 augustus 1930
Schoorsteenpijp ingestort
Muntendam, 7 augustus. Te Muntendam is gistermiddag een ongeveer 40 meter hooge schoorsteenpijp ineengestort. Arbeiders, die bezig waren de pijp te stuuten, men vreesde reeds een instorting, zagen het onheil aankoomen en konden zich nog bijtijds in veiligheid stellen.
3 juni 1931
Ernstig arbeidsongeval
Gistermiddag is de 14-jarige G. Snijders wonende te Muntendam, met den linkerarm bekneld geraakt in het raderwerk van een machine van de oliefabriek Bus, te Groningen. De arm werd bij den schouder afgesneden. In hopeloozen toestand is de jongen naar het ziekenhuis gebracht. (G. Snijders z.v. Luppo Snijders en Berendina Vosdingh)
4 juli 1931
Donderdagavond is de groote boerderij van de gebr. v.d. Ark te Muntendam in korten tijd geheel afgebrand. De oorzaak is onbekend. Verzekering dekt de schade.
12 januari 1932
Ernstige val
De gehuwde 50-jarige werkman A.B. uit Muntendam is gistermorgen van het dak van een werkplaats gegleden. Hij brak zijn ruggegraat en is in ernstigen toestand naar het Academisch ziekenhuis te Groningen gebracht.
9 februari 1932
Misdrijf in het spel?
Gistermorgen is uit het Muntendamsche Diep te Muntendam nabij de brug het lijk opgehaald van den 38-jarigen gehuwden Ido Feiken uit Meeden. Het vertoonde aan het voorhoofd diepe snijwonden. Even later werd ook een fiets opgehaald, waarvan het frame eenigszins verbogen was. Het parket te Winschoten werd van het geval in kennis gesteld. Nader kan nog gemeld worden dat de marechausse aanleiding heeft gevonden eenige personen aan te houden en in arrest te stellen. Het onderzoek duurt nog voort. (Genlias: Ido Feiken geboren 12-1-1894 te Veendam, overleden 8-2-1932 te Muntendam, z.v. Jurjen Feiken en Aaltje Veldman, gehuwd met Grietje Wierts.)
9 februari 1932
Moord op zwager
Te Leeuwarden is door het gerechtshof veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf de arbeider H.S. te Muntendam. Verdachte had in den nacht van 7 op 8 februari 1932 zijn zwager met een bijl bewusteloos geslagen en hem vervolgens in het kanaal naar Veendam geworpen waardoor het slachtoffer om het leven is gekomen.
10 november 1932
Een droef levenseind
Dezer dagen ventte een bejaard koopman uit Muntendam, met een kar, waarvoor twee honden gespannen waren, in de omgeving van het Annerveensche kanaal. Zaterdagmorgen jl. vond men de kar met de honden aan den kant van het kanaal staan, maar de venter was nergens te vinden. Men kreeg het vermoeden, dat de man zich des avonds aan den kant van den weg had te slapen gelegd en toen te water is geraakt. Zondagmorgen was eene hond op weg gegaan naar Muntendam, om de woning van den man op te zoeken, maar de andere hond bleef trouw op zijn post en bewaakte de beladen kar. De politie vond voldoende reden om te gaan dreggen, maar tot heden had dit geen resultaat. De mogelijkheid dat de man verdronken is, wordt echter algemeen aangenomen, omdat juist op de plaats, waar de honden op hun meester wachtten, drie kanalen tezamen komen. (Heere Hofman is geboren op 24-03-1859 in Muntendam, zoon van Geertruida Hofman. Heere is overleden op 03-12-1932 in Kiel gem. Hoogezand, 73 jaar oud. Heere trouwde, 26 jaar oud, op 19-08-1885 in Muntendam met Beika Velt, ongeveer 27 jaar oud. Beika is geboren omstreeks 1858 in Veendam, dochter van Jakob Hinderikus Velt en Grietje Hendriks Tabens. Beika is overleden op 19-08-1937 in Muntendam, ongeveer 79 jaar oud.)
6 december 1932
Te Kielwendeweer is uit het kanaal opgehaald het lijk van den 72-jarigen venter H.H. uit Muntendam, die sinds 5 november was vermist. De man heeft zich vermoedelijk op dien avond op den berm van het kanaal te slapen gelegd en is toen te water geraakt. Zijn honden hebben nog twee dagen de wacht gehouden en zijn toen naar huis gegaan.
26 maart 1934
Hotel uitgebrand te Muntendam
Muntendam, 24 maart. In den nacht van Zaterdag op Zondag is door onbekende oorzaak brand uitgebroken in het hotel "De Munte" van den heer G. Stukje. Het vuur greep zeer snel om zich heen, zoodat de bewoners zich te nauwernood in veiligheid konden stellen. Het huis en den geheelen inboedel gingen verloren. Alles was verzekerd.
19 januari 1935
Doodelijk ongeluk
Sappemeer, 18 januari; de 35-jarige W. Westerhof uit Muntendam, die wilde meerijden met een vol papier geladen vrachtauto van de N.V. Vato te Veendam, is bij een poging om op den in beweging zijnden wagen te klimmen, tusschen den truck en aanhangwagen geraakt. De wielen sloegen hem over 't hoofd en hij was op slag dood. Het slachtoffer laat een vrouw met vijf kleine kinderen na.
12 maart 1935
Ernstige aanrijding
Gistermiddag om half vier is de 42-jarige wielrijder Wolthekker uit Muntendam, koopman van beroep, op de Verlengde Heerengracht, toen hij plotseling den weg overstak, door een auto aangereden. De man werd zeer ernstig gewond en is in zorgwekkende toestand naar het R.K.-ziekenhuis te Groningen vervoerd.
1-2-1937
Het lijk van ds. J. Huizinga gevonden
Gistermiddag om half drie is in het Oosterdiep te Wildervank, in de schroef van een motorboot het lijk gevonden van Ds. J. Huizinga, Baptistenpredikant te Muntendam. Ds. Huizinga geraakte in den nacht van 21 op 22 januari jl. door de gladheid te water en verdronk.
Het lijk is naar Muntendam vervoerd. (Jan Huizinga is geboren op 26-04-1878 te Onstwedde, ovl. 4-2-1937 te Wildervank zv. Enne Huizinga en Aaltje Beekman, getrouwd op 20-4-1901 te Borger met Johanna Jacoba Elisabeth Rosenbaum).
3 september 1938
Onder een wagen geraakt en gedood
Gistermiddag is het driejarig zoontje van den landbouwer P. te Tripscompagnie bij Muntendam bij het spelen onder een rijdende korenwagen geraakt. Het kind was op slag dood.
17 september 1938
Voorwiel liep van de truck; bestuurder van vrachtauto tegen een boom verpletterd
Gisteravond is onder Laude, in de gemeente Vlagtwedde (Gron) een ernstig ongeluk gebeurd, dat aan den 34-jarigen expediteur P.J. Seip uit Barnflair het leven heeft gekost. De heer Seip was met een truck met trailer, welke was geladen met kunstmest, op weg van Ter Apel in de richting Winschoten. Onder Laude liep plotseling het linkervoorwiel van de truck, waardoor het voertuig een zwenking maakte en tegen een boom botste. De zware volgwagen verbrijzelde de truck, waarin drie personen waren gezeten. De bestuurder, P.J. Seip, was op slag dood. Zijn twintig jarige broeder kreeg ernstige hoofdwonden. Een derde persoon kwam met den schrik vrij. Het lijk van den omgekomene werd voorloopig in een nabij gelegen boerderij ondergebracht, vanwaar het later naar de woning van Seip te Barnflair is vervoerd. De gewonde heer Seip heeft zich onder behandeling van een geneesheer te Ter Apel gesteld. De overledene was gehuwd en vader van drie kinderen.
24 maart 1949
De 70-jarige H. Loots te Muntendam is terwijl hij naar het mechanisme van een omhoogdraaiende nieuwe electrische brug keek, doodgedrukt tussen de balans en een hek. (Harm Loots is geboren op 27-10-1878 in Muntendam, zoon van Tjerk Loots en Aaltje Boiten. Harm is overleden op 21-03-1949 in Muntendam, 70 jaar oud. Harm trouwde, 21 jaar oud, op 27-09-1900 in Muntendam met Alberdina van Oost, 20 jaar oud. Alberdina is geboren op 28-05-1880 in Muntendam, dochter van Dane Willem van Oost en Geertje Smid. Alberdina is overleden op 01-06-1961, 81 jaar oud. Zij is begraven in De Venne, Muntendam.)
15 april 1955
De 38-jarige mevrouw G. B.M. uit Muntendam is aldaar per rijwiel in botsing gekomen met een trekker en opligger uit Oude Pekela, en gedood. Mevrouw B. was gehuwd en moeder van vijf kinderen. (Geertje Moesker geboren ca 1917 te Hoogezand overleden 13 april 1955 Muntendam, gehuwd Klaas Beerta, dv Roelf Moesker en Pieterke Snijders)
28 augustus 1961
Vermist jongentje verdronken
Veendam, 28-8: In het Oude Verlaat nabij de "Wijde Blik" in de gemeente Muntendam is maandagmorgen het stoffelijk overschot gevonden van de elf-jarige Harm Prins uit Veendam. Sinds woensdag, toen hij op weg was naar school, werd hij vermist. Een voorbijganger ondekte het stoffelijk overschot.
5 juni 1972
Oosterbroek. De 81-jarige A. Loots uit het Groningse Muntendam is op een kruising in Zuidbroek (gem. Oosterbroek) door een autobus gegrepen en om het leven gekomen. Volgens de politie gebeurde het ongeluk toen de heer Loots fietsend een voorrangsweg wilde oversteken.
Uw aan-vullingen, opmerkingen en/of foto's kunnen zeer waardevol zijn. Stuurt u dus gerust een berichtje, ik zou het zeer op prijs stellen.
Maar u kunt natuurlijk ook een berichtje achterlaten in mijn