Joodse Begraafplaats aan de Botjesweg te Zuidbroek

De joodse gemeenschap van Noord- en Zuidbroek behoorde aanvankelijk bij Veendam of Hoogezand-Sappemeer. In 1883 had de joodse gemeenteschap een dergelijke omvang aangenomen dat een stuk land werd aangekocht aan de Uiterburen te Zuidbroek. In 1884 werd hier echter een gebouwtje neergezet dat gebruikt werd als leslokaal voor godsdienstigonderwijs. In 1886 werd een stuk grond gekocht aan de huidige Botjesweg en ingeicht als Isralitische begraafplaats. Voor die tijd werden de joodse inwoners van Noord- en Zuidbroek begraven op oa de joodse begraafplaats in Kolham of de algemene begraafplaats in Zuidbroek op een apart gedeelte het zgn galgenkerkhof (hier werden oa misdadigers, armen en vreemdelingen begraven).
De joodse gemeenschap hield in 1942/43 definitief op te bestaan. Alle joden werden opgepakt en zijn via kamp Westerbork naar Auschwitz en Sobibor gedeporteerd. Het betrof leden van de families Dalsheim, van der Hak, van der Laan, Wolf en Boonstra en van Geuns.
Het joodse kerkhof aan de Botjesweg en een beeld nabij het station in Zuidbroek dat de deportaties gedenkt is alles wat nu nog aan de joodse gemeenschap herinnert.
De gemeente Menterwolde is in samenwerking met oa Stichting Archief Muntendam het project "Stolpersteine" gestart. Alle joodse slachtoffers uit de gemeente Menterwolde zullen door middel van deze Stolpersteine herdacht worden. Wanneer deze stenen geplaatst zullen worden is nog niet bekend.
Op de begraafplaats zijn nog 27 grafstenen te vinden, waarvan 1 onleesbaar en 1 halve steen waarvan alleen nog de geboorte- en overlijdensdatum is te lezen.Op de begraafplaats is een gedenkteken aangebracht: in een davidster staat de tekst: "een eeuwige naam zal ik hun geven 1942-1944"
Hieronder volgt een lijst met namen van de grafstenen die nog aanwezig zijn op de joodse begraafplaats aan de Botjesweg te Zuidbroek. Klik op de thumb voor een groter formaat.